Aan het begin liggen kansen om te voorkomen dat een vrouw slachtoffer wordt van geweld of femicide.
Femicide is geen incident.
Het is het tragische eindpunt van een reeks gebeurtenissen die vaak al jaren eerder begint — met denigrerende opmerkingen, controle van appjes, altijd op je hoede zijn voor iemands bui, afhankelijkheid, stilzwijgen en gemiste signalen.
Aan het einde van die ellende staat, hopelijk, een veroordeling in het strafrecht (en dat is lang niet altijd het geval).
Tijdens het debat “Wat is er nodig in de strijd tegen femicide?” in Arminius viel één ding op: er moet nog veel geïnvesteerd worden in de ketenaanpak van politie, justitie, wetgeving en hulpverlening.
Dat is noodzakelijk en belangrijk om recht te doen aan geweld tegen vrouwen.
Maar het is niet genoeg.
Wie alleen kijkt naar het einde van de keten, mist het begin van het verhaal.
Educatie is de eerste vorm van preventie
Echte verandering begint niet in de rechtszaal, maar in je relaties —met je ouders, vrienden, vriendinnen en collega’s.
Het begint bij families, vriendengroepen, wijken en gesprekken met elkaar.
In de wijk.
In de huiskamer.
Als mensen, jong en oud, leren over grenzen, respect, gelijkwaardigheid en wederzijdse verantwoordelijkheid, leggen we de basis voor relaties waarin geweld geen ruimte krijgt.
Voorlichting over gezonde relaties en gendergelijkheid zou geen optioneel project moeten zijn,
maar een vast onderdeel van onze opvoeding en ontwikkeling als mens.
Maar ook organisaties zoals VIDA, gemeenschapsleiders, Huizen van de Wijk en lokale organisaties spelen een sleutelrol in het bespreekbaar maken van machtsverhoudingen, afhankelijkheid en onveiligheid.
Wanneer bewoners elkaar leren herkennen, ondersteunen en aanspreken, versterken we niet alleen individuen, maar hele gemeenschappen.
Als je beter weet?
Je zou denken: als je beter weet, dan kun je het beter doen.
Maar dat is lang niet altijd het geval.
Educatie maakt zichtbaar wat vaak onzichtbaar blijft — de subtiele vormen van controle, isolatie of economische afhankelijkheid die aan fysiek geweld voorafgaan.
Door daar vroeg over te praten, doorbreken we de stilte die geweld in stand houdt.
Veel vrouwen (en mannen) herkennen onveilig gedrag pas laat, omdat het genormaliseerd is of nooit eerder is besproken.
Voorlichting en educatie helpen om dat patroon te doorbreken.
Daarbij moet ook worden ingezet op handelen: weten wat je kunt doen als je iets ziet dat niet oké is.
De samenleving als bondgenoot
Bij Filomena — waar je terecht kunt als je te maken hebt met geweld — zeggen ze: “Sta om het slachtoffer heen.”
Dat geldt niet alleen voor professionals, maar voor ons allemaal.
Wij, familie, vrienden, buren, collega’s — ieder van ons kan het verschil maken door te zien, te luisteren en te handelen.
Er is geen gebrek aan regels en protocollen, maar wel een gebrek aan ruimte om elkaar in veiligheid aan te spreken.
Als samenleving moeten we leren om niet weg te kijken, maar betrokken te blijven — ook als het ongemakkelijk is.
Daar moeten we over leren.
En daarin moeten we durven investeren.
Een verschuiving in denken
VIDA pleit voor een integrale aanpak.
We moeten stoppen met het repareren van wat telkens opnieuw stukgaat.
Niet langer wegkijken, maar de moed hebben om te voorkomen.
Niet meer controleren, maar vertrouwen geven aan professionals en gemeenschappen.
Niet alleen inzetten op straf en vervolging, maar óók mensen versterken door bewustwording, educatie en het wegnemen van handelingsverlegenheid.
En dat gaat verder dan alleen trainingen gericht op het voorkomen van geweld.
Wij geloven dat beleid pas werkt als het menselijk is — als het durft te investeren in mensen en hun leefwereld niet alleen in systemen om ons heen.
Dat betekent:
- Structurele financiering voor trainingen en programma’s die gericht zijn op bewustwording en educatie rond het stoppen van geweld tegen vrouwen en het bevorderen van gelijkwaardigheid.
- Tegelijkertijd investeren in het verbeteren van de positie van vrouwen met thema’s als economische zelfstandigheid, psychische veerkracht, zelfbeschikking, positief opvoeden, vrijheid, aanpak op polarisatie, discriminatie en uitsluiting, keuzevrijheid, het doorbreken van taboes, schadelijke traditionele praktijken en rolpatronen, talentontwikkeling, maatschappelijke participatie.
- Ruimte en vertrouwen voor professionals in de wijk, zodat zij kunnen handelen vanuit menselijkheid in plaats van vanuit systemen.
- Sterke samenwerking met vrouwen, vrouwenorganisaties en sleutelfiguren die weten wat er speelt — in buurten, in gezinnen en in de levens van vrouwen zelf.
Samen leren, samen voorkomen
Femicide is geen vrouwenprobleem en ook niet puur en alleen een mannenprobleem.
Het is een maatschappelijk probleem dat vraagt om oplossingen gedragen door gezamenlijke verantwoordelijkheid.
Als we vroeg genoeg beginnen — met les, dialoog, verbinding en wederzijds respect —kunnen we levens redden voordat er ooit een strafzaak nodig is.
Voorkomen is beter dan veroordelen.
En dat begint met kennis.
Met luisteren en leren met elkaar.
En mét structurele, niet incidentele, inzet op het voorkomen van geweld tegen vrouwen en femicide.





